Oefen het literatuurgesprek!

Veel leerlingen in klas 5 en 6 moeten er in deze tijd aan geloven: het literatuurgesprek. En hoe kun je je daarop voorbereiden? Ja, alle boeken lezen. Maar hoe dan verder?

Voor 5 havo maakte ik een spel waarbij je vooral heel veel moest vertellen over de boeken die je had gelezen – net als bij het literatuurgesprek. De groepjes waren ingedeeld op basis van de persoonlijke boekenlijsten, zodat iedereen in het groepje tenminste één boek hetzelfde had. Elk groepje kreeg een stapel gesprekskaartjes met open vragen waarbij de leerling 1, 2 of 3 minuten moet gaan vertellen. En dat is nog best lang als je de inhoud van het boek niet meer helemaal weet… Daarom vond ik het een geslaagde oefening. Ook leidden diverse vragen tot discussie: is Alleen maar nette mensen wel of niet chronologisch verteld? Hoe begint het ook alweer?

Natuurlijk kunnen leerlingen dit spel ook in tweetallen of zelfs alleen als oefening doen. De vragen zijn van toepassing op elk boek. Clasine van Dorst bedacht een variant waarbij de leerlingen zelf de vragen bedenken (per leerling vijf vragen). Ook een erg goed idee!

Hieronder mijn spelregels, in de bijlage de kaartjes.

H5 Literatuurgesprek 2

H5 Literatuurgesprek 2

SPELREGELS 

  1. Eén speler is tijdbewaker. Gebruik hiervoor je telefoon. De tijdbewaker speelt zelf ook mee.
  2. De beurten gaan met de klok mee, de oudste mag beginnen.
  3. Als je aan de beurt bent, neem je een kaart van de stapel. Daarop staat een vraag van 1, 2 of 3 minuten. Als je de vraag begint te beantwoorden, loopt de tijd. Je moet de tijd helemaal volpraten!
  4. Let op: je praat zoveel mogelijk over je groepsboek, maar als je een ander boek beter kent, mag je ook daarover antwoorden. Het is niet erg als een vraag twee keer voorkomt: probeer toch in je eigen woorden een zo goed mogelijk antwoord te geven.
  5. Je mag het kaartje bij je houden als:
    1. je de tijd volgepraat hebt;
    2. je groepsgenoten je antwoord inhoudelijk voldoende vonden.
  6. Bij een TIP!-kaartje hoef je niets te doen. Je leest alleen de tip voor en dan mag je de kaart bij je houden. Wat een geluk!
  7. Bij een BONUS??!-kaartje mag je aan een ander een kaartje vragen. Let op: je moet in je bonusvraag wel benoemen welk kaartje je wilt hebben en je moet je vraag aan de juiste persoon stellen. Dat moet je dus onthouden! Bijv.: ‘Mag ik van jou de vraag over perspectief?’ Of: ‘Mag ik van jou de tipkaart van De ijsmakers?’
  8. Wie heeft aan het eind de meeste kaartjes?

DOEL VAN DIT SPEL:

  • Na dit spel kun je gemakkelijk en enthousiast spreken over de boeken die je gelezen hebt.
  • Je bent beter voorbereid op je literatuurgesprek en je weet ook wat je moet doen om nog beter voorbereid te zijn.
Advertenties

One comment

  1. Wat geweldig, Michelle! (Ook dat je het deelt… ;-)) Naar aanleiding van Clasine’s bericht wilde ik ook eens na gaan denken over een leuke lesinvulling voor het oefenen voor het mondeling, maar ik ben zo enthousiast over jullie materiaal, dat ik er gewoon dankbaar gebruik van ga maken!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s